Waarom geothermie niet overal kan: de puzzel van de ondergrond

Rutger Diepenhorst 19-08-2025
423 keer bekeken 0 reacties

Geothermie is een veelbelovende bron van duurzame energie. Maar anders dan zonne- of windenergie is aardwarmte niet overal aanwezig. Succesvolle geothermie hangt volledig af van wat er onder je voeten ligt. En dat is in Brabant verrassend grillig.

Niet elke plek heeft de juiste laag

Voor geothermie is één ding onmisbaar: een goed doorlatende, diepe zandsteenlaag met warm water erin. Die laag moet op de juiste diepte liggen (meestal tussen 2 en 3 kilometer), voldoende dik zijn en poreus genoeg om er warmte uit te winnen. Zulke lagen zijn zeldzaam én niet gelijkmatig verdeeld. Soms zijn ze samengedrukt, te dun of ontbreken ze helemaal.

De ondergrond in Brabant verschilt sterk, blijkt uit onderzoeksgegevens van TNO. Geologische processen zoals erosie, sedimentatie en verschuivingen van gesteentelagen zorgen ervoor dat zandsteenlagen niet overal even goed bereikbaar zijn. In sommige regio’s zijn ze veelbelovend, elders ontbreekt geschikt gesteente of is het te compact.

Onderzoek op interessante plekken

De onderzoekspraktijk laat zien hoe verschillend de ondergrond kan zijn. In Heesch leek de ondergrond veelbelovend. Maar de laag bleek onvoldoende doorlatend; niet geschikt om er warmte uit te halen. Toch leverde de boring wél waardevolle data op voor verder onderzoek.

Via het meerjarige landelijke programma SCAN (Seismische Campagne Aardwarmte Nederland) onderzoekt Energie Beheer Nederland (EBN) op meerdere plekken in Brabant de potentie van aardwarmte. Dat gebeurt onder meer in Stad van Gerwen (Nuenen) en Milheeze.

In Klundert en Made (gemeente Moerdijk) werkt energiebedrijf Aardyn aan een apart project (buiten SCAN om): Geothermie Plukmade. Aardyn hoopt eind dit jaar te kunnen starten met boren. De locatie is interessant vanwege de bestaande data en de grote warmtevraag in de regio.

Scan boorlocatie in van Gerwen

SCAN boorlocatie in Stad van Gerwen

Kansen en beperkingen

De onderzoeken op al deze locaties leggen de basis voor het in kaart brengen van de kansen én beperkingen van aardwarmte in de Brabantse bodem. Energiebeheer Nederland erkent dat de uitkomsten vooraf niet te voorspellen zijn, ondanks alle metingen en modellen. Maar: elke boring levert nieuwe kennis op. Die wordt gedeeld via TNO en helpt om het geologische beeld van Brabant stap voor stap scherper te krijgen.

Conclusie: geothermie vraagt maatwerk

De ondergrond is de sleutel tot succesvolle geothermie. En in Brabant is die sleutel soms lastig te vinden. Lokale verschillen maken dat elk project maatwerk is. Daarom is zorgvuldig onderzoek cruciaal en helpt iedere boring, zelfs als die minder oplevert dan gehoopt.

De provincie Noord-Brabant en partners werken aan een steeds vollediger beeld van de ondergrond. Zodat gemeenten, energiecoöperaties en andere initiatiefnemers straks gerichter kunnen bepalen: hier wel, daar (nog) niet.

Afbeeldingen

Cookie-instellingen